Slaapliedje
Alles is stil en de wereld gaat rusten,
Glimlachend kijkt door het venster de maan,
Goedig, alsof hij de kinderen suste:
Sluit nu je ogen, dan zal het wel gaan.
Slaap nu, dan droom je van wondere dingen.
Slaap nu, misschien zal de torenklok zingen,
Liedjes zo mooi en zo twinkelend fijn,
Die slechts in dromen te horen zijn.
Slaap-slaap, alles is goed.
Slaap-slaap, dromen zijn zoet.
Slaap, slaap,slaap.
( Jac.Van der Ster, jaarkrans D.van Zuilekom)


Moederke alleen.
Wie zal er ons kindeke douwen 1)
En doet het zijn moederke niet?
Wie zal er zijn dekentjes vouwen,
Dat 't schaars door een holleke ziet? 2)
Kleine. Kleine
Moederke alleen
Douw-douw-douwerideine,
Kleine, kleine
Moederke alleen,
Kan van uw wiegske niet scheên 3)
1) wiegen, 2) heel goed toedekken 3) scheiden