De Kolenboer

Tekst is afkomstig van
www.volksliedarchief.nl

vrienden luistert hier in 't ronde
ik zal u eens wat nieuws verkonden
't is van enen kolenboer
die met zijn kar naar Roosendaal voer
en zijn meid ook mede nam
luistert eens wat daarvan kwam

't was 'ne man van vijftig jaren
vrouw en kinderen bij elkaren
en al vindt ge't niet ......
dat hij zijn zinnen op een ander zet
en nog wel op zijn dienstmeid
waar hij mee naar buiten rijdt

ze werkten altijd met elkaren
dit bracht haar in groot gevaren
en het was niet ene keer
maar dat vree hoe langer hoe meer
en de meid daar ook van houdt
heeft hem op zijn woord vertrouwd

op zekere keer heeft men vernomen
en toen heeft hij haar bedrogen
en toen wist hij niet wat doen
om te behouwen zijn fatsoen
met de meid daarover praat
ach hoe kom jij van de straat

zoetlief ik kan met jou niet trouwen
want ik heb een vrouw die ik moet houwen
maar schrijft er ene brief
aan uw eerste zoetelief
die weet van de grap niks van
en zo kom jij dan aan de man

zij heeft pen en inkt genomen
de brief is bij hem aangekomen
hij las den brief al gauw
en hij dacht: wat is dat nou
hij is naar haar toegegaan
en dan komen de grappen pas aan

vriendje lief wil jij met mij trouwen
den boer zal voor ons bruiloft houwen
hij zal geven een stuk grond
om te beboeren net en pront
't praatje gaat overal
dat hij koei geeft uit de stal

ach meisje lief schei maar uit met praten
ik zal jou wel in jouw wezen laten
ik wacht liever nog enen tijd
en dan met een andere meid
ik begreep het al heel gauw
dat er wel wat haperen zou

februari kwam genaken
de meid moest in het bed geraken
eerst schonk de vrouw hem een dochter schoon
toen de meid een flinke zoon
vrienden als ik 't u zeggen mag
ze schelen elkaar maar enen dag