|
Tekst is afkomstig van www.volksliedarchief.nl
vrienden luistert hier in 't ronde ik zal u eens wat nieuws verkonden 't is van enen kolenboer die met zijn kar naar Roosendaal voer en zijn meid ook mede nam luistert eens wat daarvan kwam
't was 'ne man van vijftig jaren vrouw en kinderen bij elkaren en al vindt ge't niet ...... dat hij zijn zinnen op een ander zet en nog wel op zijn dienstmeid waar hij mee naar buiten rijdt
ze werkten altijd met elkaren dit bracht haar in groot gevaren en het was niet ene keer maar dat vree hoe langer hoe meer en de meid daar ook van houdt heeft hem op zijn woord vertrouwd
op zekere keer heeft men vernomen en toen heeft hij haar bedrogen en toen wist hij niet wat doen om te behouwen zijn fatsoen met de meid daarover praat ach hoe kom jij van de straat
zoetlief ik kan met jou niet trouwen want ik heb een vrouw die ik moet houwen maar schrijft er ene brief aan uw eerste zoetelief die weet van de grap niks van en zo kom jij dan aan de man
zij heeft pen en inkt genomen de brief is bij hem aangekomen hij las den brief al gauw en hij dacht: wat is dat nou hij is naar haar toegegaan en dan komen de grappen pas aan
vriendje lief wil jij met mij trouwen den boer zal voor ons bruiloft houwen hij zal geven een stuk grond om te beboeren net en pront 't praatje gaat overal dat hij koei geeft uit de stal
ach meisje lief schei maar uit met praten ik zal jou wel in jouw wezen laten ik wacht liever nog enen tijd en dan met een andere meid ik begreep het al heel gauw dat er wel wat haperen zou
februari kwam genaken de meid moest in het bed geraken eerst schonk de vrouw hem een dochter schoon toen de meid een flinke zoon vrienden als ik 't u zeggen mag ze schelen elkaar maar enen dag
|