Kruidenier-- De Markt- Langs de deur

Daar komt Jaap de groenboer aan,
Met zijn ezelwagen.
Voor de huisdeur blijft hij staan,
En ik hoor hem vragen;
Juffrouw koopt U wat van mij?
Erwten, boonen, selderij!
Kijk eens in mijn manden,
Alles ligt voor handen.

Juffrouw zie mijn waar eens na.
Zeg,wat moet er wezen?
Wort'len, bloemkool, uien, sla..
Alles uit gelezen!
Twee bos wort'len, dat is goed,
Frisch van kleur en suikerzoet;
Juffrouw, o wat zullen,
Straks Uw kind'ren smullen!"

Zie die mooie peulen daar,
Wil u die niet koopen?
Blijft de kar zoo vol en zwaar,
Dan wil grauw niet loopen.
Jaapje, neen! vandaag niet meer,
Morgen kom je wel eens weer?
'k Zal het niet vergeten,
Juffrouw, smaak'lijk eten!
 
Waterstokerij Het snoepwinkeltje
In de donkere straat,
Waar 't belletje gaat,
Kletst 't deurtje al rinkelend open.
Komen in 't kamertje klein,
Bij 't lampenschijn,
De kleutertjes binnengeslopen.

Een dappere vent
in zijn vuistje een cent
komt naar voren en blijft grinnikend zwijgen.
Tot de koopvrouw geleerd,
zijn fortuin inspecteert
en verteld wat hij daarvoor kan krijgen.

't Is een reep zwarte drop
koek met suiker erop,
een kleurbal, een zuurbal, een wafel,
een zoethouten stok
en een kleurige brok
't ligt alles bijeen op de tafel.

Als de kapitalist
zich wat dikwijls vergist
en de koek met de suiker verkruimelt.
Zegt de juffrouw verwoed
dat hij 't kostlijke goed
met zijn smerige vingers beduimelt.

De kleuter verbaast
dat de juffrouw zo raast
smoest stiekum wat met zijn kornuiten.
De keus wordt bepaald
en de kleurbal betaald
en dan slenteren ze schooierend naar buiten.

In de donkere straat
waar het groepje nu gaat
wordt hevig gewikt en gewogen.
Dan zuigen ze om beurt
tot de bal is verkleurd
en de droom en illusie vervlogen.
 
Aardappelboer
Schillenboer,

Mijn moeder was regelmatig haar aardappelschilmesje kwijt

Straathandel
Stronttonwagen
Transportfiets
Voddenman