Onder schooltijd

Grote Beer  en beertje Brune
Annelies en Kleine Wies,
Zitten rustig weer te wachten
Op Nel's komst met haar servies.

Dat zal nog een uurtje duren.
't Is nu klokslag half drie.
Nel moet eerst nog sommen maken
Op de schoolbank naast Marie.

Straks gaan Nel, Marie, de beren,
Annelies en kleine Wies,
Ieder weer gezellig drinken
Uit een kop van Nel's servies.
(jaarkrans- D. van Zuilekom

De zieke beer

In 't kleine poppenwiegje ligt
De kleine Teddy-beer;
Sofietje, met bedrukt gezicht
Wiegt zachtjes heen en weer.
Wie komt de kinderkamer in?
O kijk, 't is dokter Jan,
Misschien, dat hij de zieken beer
Wel genezen kan.

Sofietje zucht, mijn beer is ziek!
Hij heeft een zeere poot;
Och dokter, kijk hij is zoo naar,
Mijn beer gaat toch niet dood?
De dokter zegt; wel neen Mevrouw,
Eén lepel medicijn,
En morgen zal uw Teddy-beer
Weer spring, spring levend zijn.
(versjes en wijsjes)

Klikspaan Boterspaan
Je mag niet door 't straatje gaan
Het hondje zal je bijten!
Het poesje zal je krabbelen
Dat komt van al je babbelen

         

Ben je boos,
Pluk een roos
Zet hem op je hoed,
Dan ben je morgen weer goed!